De juiste spanning

De juiste spanning

Lenne Gieles

Let it settle itself dear….

Charlotte Selver

 

Toen ik 25 jaar geleden dit werk begon was er een deelnemer in de cursus ‘Intuïtie, je eigen wijze’ die me vroeg: “Wat doen we hier eigenlijk, we zijn alleen maar diep aan het ontspannen”. Ik had toen nog niet de ervaring van nu dat het, net als bij een snaarinstrument, in essentie gaat om de juiste spanning. Als de snaar te slap is bungelt de snaar en komt er geen toon; te strak kan de snaar knappen, is de toon uit balans en te hoog. Later toen ik een Ierse harp leerde bespelen merkte ik dat – wilde ik kunnen beginnen – dagelijks alle snaren opnieuw gestemd moesten worden. Zo kun je ons systeem vergelijken met een klinkend instrument waarvan de snaren heel precies op elkaar zijn afgestemd: niet te strak en niet te los. De harp leerde me om mijn eigen systeem beter te gaan beluisteren en mijn ‘snaar’ precies gestemd te houden. Ik voelde dat als een belangrijke fase die me leerde precies op het scherp van de snede te leven: de juiste inspanning in ontspanning en openheid. Of, zoals Zen leert: Niet-doen terwijl je doet. Het woord ‘stemming’ drukt letterlijk uit dat ook je gevoelsleven nauw samenhangt met het ‘stemmen’ van jezelf: te strak ervaar je sterke concentratie van kracht die kan leiden tot hardheid en agressie. Te los komt er een veelheid aan indrukken bij je binnen en kan er depressie, te grote kwetsbaarheid, angst en een gevoel van machteloosheid ontstaan. Het juiste midden geeft direct een andere stemming. Je ervaart dan een lichtheid en zachte kracht waarbij je zowel helderheid als diepte ervaart. Een mannelijke deelnemer aan de training verwoordt het zo:

Ik besef dat ik meestal te slap ben, te afwachtend, afhankelijk ook. Ik geef daarmee het initiatief uit handen en ben niet scherp genoeg op mijn werk. Nu span ik mezelf letterlijk iets aan en dan voel ik me direct vitaler en beter in staat om leiding te geven  Ook in mijn relatie begin ik de irritaties van mijn vrouw te begrijpen. Ik neem nu ook in ons gezin mijn verantwoordelijkheid zodat zij haar ontvankelijke kant meer kan inzetten. Ik zie haar vrolijker en meer tevreden worden.

De juiste spankracht heeft dus – net als bij een snaar – wel degelijk nut: het brengt je steviger in de materie. Ieder mens heeft die weg af te leggen van in zijn lichaam komen en binnen die beperking ontdekken dat je meer bent dan deze vorm. In die zin zijn aangespannen spieren nuttig: ze helpen je om in de vormwereld binnen te gaan. Je voelt je er krachtig door. Als je bijvoorbeeld je grens duidelijk aangeeft geeft dat je energie en voel je je eigen energie als duidelijk, krachtig en recht. Onnodige en onbewuste spanningen echter kosten je energie en belemmeren contact in je relaties. Zodra je ontspant kun je de ‘flow’  weer voelen.

Ken Wilber noemt dit in de vorm komen: involutie, verdichting. Spanning verwijdert je van je oorsprong maar brengt je dieper in de vormwereld. Aanspannen van je systeem helpt dus ook bij het vormen van je persoonlijkheid of ‘ik’. Ontspanning brengt je weer dichter bij je oorsprong en helpt je te verruimen voorbij je persoonlijkheid wat Ken Wilber evolutie of verlichting noemt. In dit licht is het nodig om goed te kijken wat je nodig hebt: meer vorm, verdichting, stevigheid of juist meer openheid, ontspanning en overgave. Een te zwak ‘ík’ kan bij teveel ontspanning in de war raken; een te strak ‘ik’ is gewend geraakt aan de controle en kan zich niet in een keer openen.

Levenslicht is er altijd; het is uit zichzelf stralend en je hoeft er dus niets voor te ‘doen’. Je zou als mens dus eigenlijk nooit levenslust en energie te kort hoeven komen. Zelfonderzoek en meditatie helpen je om te zien waar je dit levenslicht tegenhoudt. Je kunt door bewust te voelen en te luisteren je automatische spanningen opsporen en loslaten. In het aandachtig waarnemen merk je waar je jezelf teveel samentrekt, waar je verkrampt bent geraakt. Bij iedere spanning die je opmerkt en loslaat, lost een onbewuste identificatie op: een vastleggen van wie je denkt te zijn. Je verzamelde namelijk allerlei zelfbeelden om iets te leren en om te overleven en vormde zo een vastomlijnd ego.